

Historiek


Huize Nazareth
Het Engels Klooster, officieel de priorij Nazareth van de Engelse kanunnikessen van Sint-Augustinus, werd in 1629 opgericht toen een groep Engelse Augustinessen uit Leuven zich in Brugge vestigde in het voormalige passantenhuis Nazareth. Hiermee ontstond een klooster voor Engelse religieuzen in ballingschap, die gevlucht waren voor de vervolgingen onder Hendrik VIII.
Vanaf ca. 1647 werden verschillende gebouwen voor het klooster opgetrokken, en rond 1650 was er een volwaardig complex dankzij lokale steun.
In de 18de eeuw onderging het complex belangrijke bouw- en uitbreidingswerken. Tussen 1736 en 1739 werd de opvallende koepelkerk gebouwd naar ontwerp van architect Hendrik Pulinx, later artistiek verrijkt in de 19de eeuw.
Gedurende de 19de eeuw groeide het klooster uit tot een bekend opvoedingscentrum met een kostschool (boarding school): aanvankelijk vooral voor Engelse meisjes, later ook voor Belgische en andere nationaliteiten. De Vlaamse priester en dichter Guido Gezelle was er een tijdlang rector en leraar aan de school.

De Moderne Devotie en Geert Grote
De 14de eeuw was een tijd van beroering en verdeeldheid in de schoot van de kerk en van de maatschappij. Het is in deze tijd dat Geert Groote (1340 – 1384) op de voorgrond trad. Geboren te Deventer in Nederland was hij een uitmuntend student, eerst in Parijs en later in Keulen. Een man van de wereld die bekeerd werd door de visie van een vriend.
Hij was zich duidelijk bewust van het feit dat iedere vernieuwing moet beginnen bij een persoonlijk innerlijk leven dat zich op Christus richt.
Zo ging hij een ideaal verspreiden, de terugkeer naar de Vita Apostolica, waarvan het Evangelie het uitgangspunt en de regel is, een spirituele beweging bekend onder de naam Moderne Devotie.
Moderne Devotie betekent eenvoudigweg 'hedendaagse spiritualiteit'. In de late veertiende eeuw werd aangevoeld dat de christelijke levenswijsheid van toen niet meer toereikend was. Een diepere, persoonlijke Christusontmoeting was nodig om het leven van leken, priesters en kloosterlingen in de kerk van die tijd nieuw leven in te blazen. Uiterlijke rituelen alleen volstonden niet. Daarom ging Geert Grote de nadruk leggen op het naar binnen gaan in de stilte van het hart, waar Christus verblijft.

De Congregatie van Windesheim en het Engels Klooster
Een van de meest kenmerkende werken van de Moderne Devotie is *De navolging van Christus* van Thomas à Kempis. Dit werk bestaat uit vier verhandelingen en neemt de lezer mee op een reis: eerst naar onthechting, vervolgens naar een intiem gesprek met Christus als met een vriend, daarna naar deelname aan zijn zelfgave (via de eucharistie), en zo uiteindelijk naar de mystieke ervaring van Zijn genadige aanwezigheid. Uiteindelijk gaat het om het volgen van Christus in het dagelijks leven.
De Congregatie van Windesheim werd gesticht in 1387 toen zes broeders op 17 oktober hun geloften aflegden als reguliere kanunniken. Windesheim betekent ‘Huis van de Wind’. De congregatie kwam voort uit de Moderne Devotie en nam de Regel van Sint-Augustinus aan.
Rond 1381 bezocht Geert Grote de Vlaamse mysticus Jan van Ruusbroec in het Sonian Forest. De gemeenschap die zich daar vormde, sloot zich later aan bij de Congregatie van Windesheim. De zusters van het Engelse klooster leerden van Ruusbroec dat liefde ‘innerlijk en uiterlijk’ is, wat betekent dat men naar de diepste kern van het eigen wezen moet reizen om daar de Liefde te ontmoeten en deze vervolgens de wereld in te dragen.

Thomas More
Thomas More, de Engelse staatsman, humanist en heilige, is sterk met het Engels Klooster verbonden. In de kapel wordt een reliek van Thomas More bewaard, wat het klooster een bijzondere spirituele betekenis geeft. Daarnaast speelden zijn nakomelingen een opmerkelijke rol in de geschiedenis van het klooster: een vrouwelijke afstammelinge van Thomas More (de dochter van zijn adoptiedochter) trad er in en werd priorin. Zij stond aan het hoofd van de gemeenschap en droeg bij aan de continuïteit, het bestuur en het religieuze leven van het Engels Klooster. Zo leeft de erfenis van Thomas More niet alleen voort in een reliek, maar ook in de betrokkenheid van zijn familie bij deze unieke Brugse kloostergemeenschap.

De troebelen van de Franse Revolutie
Tijdens de Franse Revolutie vluchtten de zusters naar Engeland en zij lieten het klooster onder de hoede van zuster Olivia Catherine Darell.
Deze bleef moedig achter met een paar medezusters die niet meer in staat waren om te reizen. Toen zij door de Fransen verplicht werd het klooster te verkopen heeft zij dit op een vernuftige manier aangepakt.
Zij verkocht het namelijk aan een bevriende notaris die het op zijn beurt terug aan de zusters verkocht nadat de rust teruggekeerd was. Zuster Olivia zou echter jammer genoeg de terugkeer van haar medezusters niet meer meemaken want zij overleed vlak ervoor. Met deze gedenksteen werd haar moed en doorzettingsvermogen vastgelegd voor de komende generaties.

Guido Gezelle en het Engels Klooster
Guido Gezelle, een van de grootste Vlaamse dichters, was nauw verbonden met het Engels Klooster. Hij was er rector en gaf er les. De rustige kloosteromgeving bood hem de ruimte voor studie, bezinning en creativiteit. Hier schreef hij verschillende van zijn gedichten, waarin zijn liefde voor de natuur en zijn fijnzinnige taalgevoel duidelijk tot uiting komen. Gezelle bracht zijn laatste levensmaanden in het klooster door en overleed er in 1899, wat het Engels Klooster tot een belangrijke herdenkingsplaats voor zijn leven en werk maakt. Zijn laatste woorden waren ''k hoorde zo geerne de vogelkens schuifelen'. (ik hoorde zo graag de vogeltjes fluiten)

Bibliotheek en Archief
Wij beschikken over een uitgebreide bibliotheek alsook een archief. Deze kunnen op afspraak geraadpleegd worden voor onderzoek en studie. Gelieve hiervoor contact op te nemen met het klooster op onderstaand nummer: 050/33.24.24